Tot Voordeel en Genoegen (rondje Alphen a/d Maas)

Doorkomstplaatsen
De Meern – Utrecht – Rhijnauwen – Bunnik – Odijk – Werkhoven – Cothen – Wijk bij Duurstede – Rijswijk – Maurik – Zwarte Paard – Tiel – Wamel – Greffeling – Alphen a/d Maas + molen – Moordhuizen – Dreumel – Sint Andries – Rossum – Hurwenen – Zaltbommel – Waardenburg – Meteren – Geldermalsen – Buurmalsen – Culemborg – Schalkwijk – Houten – Nieuwegein – Utrecht Papendorp – De Meern
Solo. 137,32 km in 6:19:55; AvS: 21,68 km/u.
27,8o. Zonnig. ZO, later ZZW kracht 3.

Fotoalbum →

(aanklikken in dit blog van een foto resulteert in een vergroting)

Het idee om de standerdmolen “Tot Voordeel en Genoegen” in Alphen a/d Maas op te zoeken, dateerde van de herfst van vorig jaar. Steeds kwam het er niet van. Met het mooie weer van vandaag moest het naar mijn idee kunnen. Ik zag er wel tegenop. Van het rijden op 16 augustus 1992 van een deel van de ANWB-Betuweroute herinnerde ik me dat ik het in deze regio nogal saai vond. De wind was zuidoost, net als op 23 oktober vorig jaar, toen ik een poging naar Alphen te rijden inwisselde voor een rondje Wijk bij Duurstede door het mij toen nog onbekende buurtschap Dwarsdijk.
Vanwege de afstand en het ertegenop zien besloot ik de rit zo kort mogelijk te houden. Geen gedwarrel, maar zoveel mogelijk gebruik maken van de provinciale wegen. Het zou jammer zijn als ik vanwege een te lange afstand voortijdig zou moeten opgeven. Met deze strategie richting Wijk bij Duurstede.

Lood in de benen
Een loodzware rit! Plankharde bovenbenen, waarin voor mijn gevoel geen beweging te krijgen was. Hoe dat kon? Geen idee. Misschien omdat ik twee weken lang geen lange rit had gefietst. Zowel op de heen- als op de terugweg reed ik regelmatig “onder in de beugel”, wat ik anders nooit doe. Dat de gemiddelde snelheid bij thuiskomst 21,68 km/u was, mag met vette koppen in de krant.
Door wegwerkzaamheden was er aan de rand van Wijk bij Duurstede verkeershinder, waardoor ik na de nodige kilometers weer aan die rand terechtkwam. Daarna was de weg naar de pont snel gevonden.
Het rijden na Rijswijk over de Provincialeweg viel niet tegen. Er was niet veel autoverkeer en de weg was anderhalve baan breed. Leuke uitzichten. Ter hoogte van restaurant Zwarte Paard rechtsaf naar Tiel. Dit restaurant is, zo bleek mij thuis tijdens het schrijven van dit blog, naar een gelijknamig buurtschap vernoemd. Geen monumentale oude boerderijen in deze regio, net zo min als verderop voorbij Wamel, maar eigentijdse boerderijen, soms met megastallen. Natuurlijk veel boomgaarden.

De nazaten van Flipje
Vlak voor Tiel keerde ik om en kocht ik bij een zojuist geïnstalleerd fruitstalletje een bakje frambozen. Er stonden ook bakjes met aardbeien en witte en blauwe druiven, maar ik koos frambozen omdat ik die vrijwel nooit eet. “Je kan niet in de Betuwe geweest zijn zonder een bakje fruit te kopen”, zei ik tegen de boerin. “Wel als je er woont”, antwoordde ze gevat. “Drie bakjes voor vijf euro”, was haar aanbod; “de fietsers maken het met een touwtje vast aan het stuur.” Ik had geen touwtje en hield het ondanks haar aandringen bij één bakje. De prijs: € 1,75. Het voordeel bij drie bakjes: € 0,25. Tegen de tijd dat ik in Tiel was hadden de frambozen door de warmte de neiging in een marmelade te veranderen.

Molen "Tot Voordeel en Genoegen"

Molen “Tot Voordeel en Genoegen”

Voort naar de molen
In Tiel was men langs de Waaloever bezig de rommel op te ruimen van het daags ervoor gehouden Appelpop-festival. Zodoende moest ik door een door veegwagens veroorzaakte stofwolk naar het veer. Dat was even zoeken en puffen. Het tarief voor een fietser was € 1,60; de fiets werd beschouwd als een tweede opvarende, à raison van € 0,80.
Volgens mij is de Waal de meest druk bevaren rivier in Nederland. Vergeleken daarbij zijn de Lek en de Nederrijn stille stroompjes. Eén van de overvarenden, een jonge fietser, was druk bezig foto’s te nemen van een naderende containergigant. De veerman ondernam een poging eraan voorbij te varen. Tot mijn opluchting kreeg hij tijdig in de gaten dat de pont gebrek aan snelheid had, ging hij overstag en voer hij in het kielzog van het containerschip naar het aanmeerpunt in Wamel.
Vanuit Wamel – wat heb ik hier vroeger toch veel gefietst richting Nijmegen! – naar Alphen a/d Maas via de Hommelsestraat en de Zijvond. Prachtige uitzichten over weiland, her en der omzoomd met bomen. Tamelijk snel kwam ik aan bij de Schansedijk. Rechtsaf naar buurtschap Greffeling. Razend leuk hier: oude boerderijtjes binnen- en buitendijks. Ik gunde me echter geen tijd om er een foto van te maken, benieuwd als ik was naar de molen, die niet ver meer kon zijn.

Terras bij de molen

Terras bij de molen

Neergestreken op de picknickplaats aan de voet van molen “Tot Voordeel en Genoegen”. Een Indisch uitziende man zei dat ik een plekje in de schaduw kon opzoeken. Na enig rondkijken zag ik een schommelbank met prachtig uitzicht op de molen. Twee broodjes kaas besteld en cola. De dik belegde broodjes smaakten heerlijk. Misschien was er wel het meel van de molen voor gebruikt.
Vandaag was het de tweede dag van het Open Monumenten Weekend. De molen, een gesloten standerdmolen, gebouwd op een verhoging, deed er ook aan mee. Dat wil zeggen: de deuren van de zolders stonden wagenwijd open. Je kon erin rondkijken. Hoewel de wieken in “korte rust” stonden, was malen er niet bij.
Druppelsgewijs kwamen leden van de plaatselijke fanfare aanwaaien. Ter gelegenheid van deze monumentale dag zouden zij een uitvoering geven. Met het oog op de resterende tijd en afstand wachtte ik dit niet af. Voldaan en wel zette ik koers naar Zaltbommel.

Gedenkkunstwerk "Stad aan de Rivier"

Dreumel: gedenkkunstwerk “Stad aan de Rivier”

Stad aan de rivier
Aan de rand van Dreumel, bij het “Driedijkenpunt”, de overgang van de Maasdijk in de Waaldijk, viel mijn oog op twee platen met aan de voet miniatuurgebouwen zoals de Eiffeltoren, de Big Ben en de Sint Pieter. Het was een uit de jaren negentig daterend kunstwerk van Cor Litjens, Stad aan de Rivier genaamd, ter herinnering van de wateroverlast mid-jaren negentig en de werkzaamheden om de dijken in dit gebied te verstevigen. De naam van dit kunstwerk lijkt terug te grijpen op een in 1857 geschreven verslag van wateroverlast in dit gebied. In dit verslag is Dreumel “Stad langs de rivier” genoemd.
Vanaf het Driedijkenpunt reed ik over de Heerewaardense Afsluittdijk. Een voor Nederland unieke dijk, aangelegd om de Maas en de Waal van elkaar te scheiden in plaats van land te beschermen.

Rossum: terras langs de Waal

Rossum: terras bistro “In Petto”

Ruig rivierenlandschap
Warmte en dorst deden zich voelen. Regelmatig legde ik ergens aan voor cola. Zo ook bij bistro “In Petto” in Rossum langs de Waaldijk. Het terras was vol met wandelaars en fietsers. Het bedienend personeel had er de handen vol aan.
Ter herinnering aan de tocht van vandaag probeerde ik een foto van mezelf te maken. Het geklik van de sluiter werd gehoord door een jongetje van een jaar of negen aan de andere kant van de tafel. “Zal ik een foto van u maken, meneer?”. Dat liet ik me geen twee keer zeggen.
Naar Hurwenen. Molen “Vento Vivimus” (“wij leven van de wind”) links laten liggen. Zelf was ik ook druk bezig van de wind te leven, die in de rug de vaart er een beetje in bracht. Met adembenemende uitzichten slingerde de smalle Waalbandijk richting Zaltbommel. Rechts van mij, binnendijks, doemde de “Kil van Hurwenen” op. Een wiel, zoals men een meer noemt dat is ontstaan na een dijkdoorbraak. Het gebied rond de Kil was een en al ruigheid, in tegenstelling tot het buitendijkse, strak gemaaide weiland. Er gaan nogal wat weggetjes dijkafwaarts dit gebied in. Goed voor een volgende keer!
Adembenemend in de letterlijke zin van het woord was de waterzuiveringsinstallatie vlak voor Zaltbommel.

Martinus Nijhoff brug

Martinus Nijhoff brug

De laatste loodjes en het volle pond
Over de imposante Martinus Nijhoff brug naar Waardenburg gereden. Bij het Texaco tankstation voor de zoveelste keer cola gekocht en rechtdoor naar school en kantoor geharkt. Op gezette tijden onder in de beugel en piekeren over de haalbaarheid van het beklimmen van de brug over het Amsterdam Rijnkanaal tussen Schalkwijk en Houten. Het moreel liet dus enige tijd erg te wensen over.
Bij de pont van Culemborg zag ik een grijze Koga Myata fiets. Het leek wel een baanfiets. Hoog frame, ouderwetse fietspomp boven de bracket, ossekopstuur, groot kettingblad voor en één klein kettingblad achter. De letters M-Y-A-T-A op de zitbuis. Trappers zonder toeclips. Echt “vintage”. Daar wilde ik het fijne van weten. Een gesprek aangegaan met de eigenaar, een jonge man van flink postuur. “Een tweedehandsje”, zei hij, “die rechttoe-rechtaan fietst en soepel rijdt, behalve heuvel-op”. Hij zou hem voor geen goud kwijt willen.
De pont was afgeladen vol, wat aan mij de uitspraak “volle pont, halve prijs” ontlokte. Helaas, de veerman bracht iedere overvarende het volle pond in rekening.

De Meern, 9 september 2012
Theo van Berkel

Fotoalbum →

Advertenties

Over Theo van Berkel

Enthousiast toerfietser die tijdens zijn tochten graag foto's maakt van landschappen, boerderijen en molens en die grappige situaties beschrijft die zich onderweg voordoen.
Dit bericht werd geplaatst in Fietstochten, Fotografie en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s